De Circulaire Weg

Wat is De Circulaire Weg?

Het partnerprogramma De Circulaire Weg onderzoekt de mogelijkheden om de circulariteit in de infrasector vlot te trekken en versnellen. In een écht duurzame infrasector is het grondstoffenverbruik minimaal en worden afgeschreven materialen zo hoogwaardig mogelijk hergebruikt.

In diverse testprojecten gaan de partners na welke innovaties, technische oplossingen, processen, samenwerkingsvormen en verdienmodellen de circulariteit het meest bevorderen. De pilots zijn vooral bedoeld om ervaring op te doen met het infra as a service-concept.

Waarom De Circulaire Weg?

Door de snelle groei van de wereldbevolking en de toegenomen welvaart dreigt er een groot tekort aan grondstoffen. De infrabouw heeft een grote impact op het milieu en het grondstoffengebruik en moet die impact daarom minimaliseren. Helaas loopt de omslag veel trager dan nodig is. Kansrijke innovaties blijven nog té vaak op de plank liggen.

 Het partnerprogramma De Circulaire Weg wil die noodzakelijke omslag vlot trekken en versnellen. Zo’n transitie vergt een nieuwe manier van denken en werken: minder controlerend en risicomijdend. En meer gericht op samenwerken en verantwoordelijkheid nemen. In De Circulaire Weg testen we nieuwe samenwerkingsvormen waarin volop ruimte is voor échte innovaties op het gebied van techniek, methodiek, samenwerking, contractvormen, procesmanagement, eigenaarschap, financiering, verdienmodellen en datamanagement.

Wat is infra-as-a-service?

As a service is een kansrijk bedrijfsmodel om de beoogde circulariteit in de infrasector te realiseren. In een as-a-service-contract is de aannemer voor een afgesproken termijn eigenaar of exploitant van een infra-object. Bijvoorbeeld een wegtraject, brug, viaduct, berm of de wegverlichting langs een traject.

Aannemer is verantwoordelijk

Tijdens de gehele contractduur is de aannemer verantwoordelijk voor de beschikbaarheid, het onderhoud en het hoogwaardige hergebruik van de materialen en grondstoffen na de levensduur. De opdrachtgever neemt de beschikbaarheid van het object voor een vast termijnbedrag af als dienst.

Belangrijke trigger van het verdienmodel

In een as a service-contract is circulariteit een belangrijke trigger van het verdienmodel. De aannemer heeft er als eigenaar/beheerder zelf direct belang bij om duurzame, hoogwaardige en onderhoudsarme materialen toe te passen. Hij verlaagt daarmee zijn onderhoudskosten en kan de materialen na de levensduur voor de maximale prijs van de hand doen of hoogwaardig hergebruiken. Zo minimaliseert hij de totale lifecycle-kosten, kan hij zijn werk concurrerender aanbieden en verhoogt hij zijn rendement.

As-a-service is dus een win-win-model voor opdrachtnemer, opdrachtgever en vooral: de hele samenleving.

Wat willen we bereiken?

De meerwaarde van deze circulaire manier van denken en werken is groot. De verantwoordelijkheid voor circulariteit ligt bij de partij die de meeste invloed heeft op het waardebehoud van het object.  En die partij heeft zelf veel belang bij een zo circulair mogelijke aanpak van bouw/aanleg, onderhoud en hergebruik na de levensduur. Zo veranderen producenten in dienstverleners en worden materialen niet meer verbruikt, maar gebruikt. De  transitie naar een circulaire infrabouw wordt daarmee versneld.

Wat onderzoeken we en wat willen we daarvan leren?

Uit onderzoek van o.a. TU Delft blijkt dat infra as a service in theorie haalbaar is. In diverse pilots beproeven de partners van De Circulaire Weg de werking van het bedrijfsmodel en  de meerwaarden ervan voor de samenleving in de dagelijkse praktijk.

De 3 kernleervragen zijn:

  1. Biedt as a service echte meerwaarde in de infrabouw? Leidt het inderdaad tot minder milieubelasting, een hogere circulariteit en/of lagere levensduurkosten? Zo ja: onder welke omstandigheden en bij welk type objecten?
  2. Welke financiële, technische, organisatorische en andere veranderingen zijn nodig om het model succesvol toe te passen? En welke contractvormen en uitvragen passen hier het beste bij?
  3. Hoe borgen we dat de lessons learned leiden tot een daadwerkelijke circulaire doorbraak in de infrasector?

 

Deel-leervragen

De meerwaarde van Infra as a service:

  • Wat is de maatschappelijke meerwaarde van infra as a service-projecten?
  • Leidt as a service tot lagere en beter beheersbare lifecycle-kosten?
  • En leidt het tot innovatievere keuzes?

De toepasbaarheid van Infra-as-a-service:

  • Onder welke voorwaarden levert as a service de beste circulaire resultaten op?
  • Voor welke typen objecten leent het model zich goed en voor welke juist niet? We onderscheiden o.a.: wegen voor snel en langzaam verkeer (voet/fiets), civiele constructies, straten, pleinen, bestaande en nieuwe werken, tijdelijke en blijvende infrastructuur, etc.

Politieke en beleidsmatige keuzes en consequenties:

  • Welke taken en (juridische) verantwoordelijkheden kan en wil de overheid aan de markt overlaten?
  • Welke politiek-maatschappelijke discussies zijn te verwachten bij grootschalige uitrol van infra as a service?
  • Hoe flexibel is het model bij wijzigingen? Wat doen we bijvoorbeeld als de geleverde dienst door nieuwe ontwikkelingen niet meer nodig is?
  • Hoe verhouden lange-termijnverbintenissen met de markt zich tot de vrije marktwerking, het openbare aanbestedingsbeleid en andere regelgeving?
  • Werkt de veranderende zeggenschap beleids- en initiatiefbelemmerend of juist versterkend?

Organisatorische consequenties:

  • Hoe werken partijen samen in de totale keten?
  • Wat betekent as a service voor de verhoudingen tussen partijen?
  • Welke veranderingen vraagt dit van de opdrachtgever en opdrachtnemer? En van de medewerkers?
  • Hoe worden de nieuwe rollen op elkaar afgestemd?
  • Wat betekent het als overheid en aannemer een gezamenlijk bedrijf oprichten en (tegen een vergoeding) zijn expertise inbrengt?

Juridische en financiële consequenties

  • Wat is de ideale risicoverdeling in een as a service-contract?
  • Waar kan het juridisch eigendom het beste worden ondergebracht en hoe wordt dit geregeld?
  • Wie garandeert de lange-termijnbeschikbaarheid van het infra-object en wie is aansprakelijk?
  • Hoe bepalen we de waarde van de grondstoffen bij de start van een project en hoe berekenen we de restwaarde?
  • Wie loopt risico op de waarde van de grondstoffen. Kan die partij schommelingen in de waarde dragen? En welke eisen stelt dat aan de financiele draagkracht?
  • Kan een partij het eigendom overdragen en wat zijn daarvan de gevolgen?
  • Tegen welke wettelijke obstakels lopen we aan bij de implementatie van as a service?
Hoe pakken we het aan?

Binnen het partnerprogramma lopen 8 testprojecten (pilots) waarin as a service in de praktijk aan de tand wordt gevoeld. In de pilots beproeven overheden (provincies en gemeenten) samen met de aannemer het bedrijfsmodel in concrete projecten waarbij in elke pilot andere objecten bekeken worden en andere leervragen aan de orde komen.

Lessons learned uitwisselen

De lessons learned wisselen de partners met elkaar uit en positieve ervaringen worden direct toegepast in de werkprocessen op andere projecten. Zo komen we sneller tot resultaten, wordt het leergeld over verschillende projecten gedeeld en kunnen uiteenlopende partijen aanhaken.

Wetenschappelijke begeleiding door TU Delft

De pilots worden wetenschappelijk begeleid en ondersteund door TU Delft. Namens de universiteit onderzoekt universitair docent dr. Daan Schraven de maatschappelijke meerwaarde van infra as a service. Hij heeft ook het raamwerk opgesteld van de leervragen waarop de pilots de antwoorden moeten geven. Ten slotte verzorgt hij de kennisdeling binnen het programma en breder in de infraector.

Tijdpad

De pilots hebben elk hun eigen fasering. Het testproject met de duurzame wegverlichting in Noord-Brabant loopt al sinds 2019 en wordt nu geëvalueerd. De andere pilots zijn net gestart of bevinden zich nog in de opstartfase. Het doel is om eind 2021 alle pilots afgerond te hebben en de kennis onder de partners te hebben gedeeld. Zonodig wordt het programma verlengd.

Partners